‘Klokkenluider’ Ton Quist gestopt met varen en met schrijven



By
Editor
12 April 26
0
comment
Door Evert Bruinekool: Scheepvaartkrant

a never-ending story. Dat is de titel van een 600 pagina’s tellend boek. Of eigenlijk een bundeling van brieven, signaleringen en protesten geschreven door tankerkapitein Ton Quist. De bundel was in november 2025 een verrassingsgeschenk bij zijn pensionering. Het zijn geschriften om mens, natuur en milieu te beschermen en betere omstandigheden te creëren. Het was voor hem een oprechte kruisvaart tegen onrecht en onkunde.Het drukwerk wordt door gelijkgestemden ook wel een ‘kennisbijbel voor de scheepvaart’ genoemd. Veel is geschreven op de 135 meter lange tanker Primera, waarop Ton Quist kapitein was. De kop van het voorwoord vat eigenlijk alles samen: “Het teweegbrengen van daadwerkelijke veranderingen”. Daarvoor stelde Ton tot de hoogste instanties misstanden aan de kaak. De burgemeester van Steenbergen noemt klokkenluider een ‘geuzennaam’ voor Quist. Die had overigens nooit de bedoeling een boek te maken; het is samengesteld door zijn goede vriend en gelijk­gestemde Hens van Buren.

Ton Quist in de tuin van de boerderij die al zeven generaties bezit is van zijn familie. (Foto: E.J. Bruinekool Fotografie)

Gebrek aan kennis

Een doorn in het oog van Ton is de doorlopende stroom van onkunde en gebrek aan kennis van mensen die aan de zijlijn staan, maar wel de regels en procedures maken. Dat wilde hij aan de kaak stellen. Op de vraag hoeveel tijd heeft dat gekost, kan hij niet echt antwoorden. “Ik heb aan uren bij elkaar misschien wel honderd jaar gewerkt”, stelt de bijna 65-jarige Quist na vijftig daadwerkelijke jaren werken. Hij vertelt, zittend in de tuin van zijn zeven generaties oude, kleine familieboerderij op Tholen. De stuurhut was zijn kantoor, waar hij elk vrij uurtje – soms tot heel laat – doorbracht met het uitzoeken en onderbouwen van zijn stellingen. Niet bot afzagen, maar onderbouwd protest met feiten zonder persoonlijke aanvallen.Schippers, verenigingen, reders en oliebedrijven gebruikten bij hun protesten geregeld zijn stellingen om misstanden verder aan de kaak te stellen, bijvoorbeeld bij de overheid. Ton Quist maakte de problemen breed bespreekbaar.

Ontgasverbod

Drie thema’s die hem het meest bezighielden: varend ontgassen (dat moest echt stoppen; het mocht immers al niet), fosfinegas in de lading (dodelijk, ook voor mensen) en de bemanningswetgeving (totaal achterhaald). “KBN heeft dat stokje overgenomen en de bal in het doel geschoten.”nDe invoering van het ontgassingsverbod heeft hij nog tijdens zijn werkende periode meegemaakt. “Ik schat in dat inmiddels door 80 procent van de schepen niet meer varend ontgast wordt.” Daarbij vermeldt hij dat er nog wel te weinig capaciteit is op de plaatsen waar het nodig is. En de kosten zijn een heikel punt; eigenlijk moet het ontgassen door de vervuiler worden betaald. Misschien moet de overheid daarin participeren, oppert Ton.“Er zijn uitzonderingen die zich niet aan de regels houden, maar dat is een zaak van handhaving.” Eigenlijk is hij van mening dat varend ontgassen alleen maar voor geld en hebzucht gebeurde.

Onbedoelde vergiftiging

Bij fosfine speelt op het moment de roep om meetapparatuur aan boord. “Je kan voor je eigen gezondheid niet vertrouwen op metingen van derden”, vindt hij. Om erop te laten volgen: schaf de apparatuur zelf aan; het is voor je eigen gezondheid. “Op tankers is het al jaren regel dat je zelf ook meet­apparatuur aan boord hebt.” Al met al is het schrijven inmiddels vaak omgezet in handelen. Zelf stelt hij: “We moeten proberen een betere wereld achter te laten voor de volgende generatie.” Drijfveer is voor hem altijd geweest: “Je moet 100 procent geloven in rechtvaardigheid, kundigheid en eerlijkheid.” Het kan worden opgevat als een tip voor mogelijke opvolgers. “Speel op de bal, niet op de persoon. Let op: er zijn wel mensen die je pootje willen haken als je kritisch bent. Altijd onderbouwen vanuit kennis. Ik had om tunnelvisie tegen te gaan, secondanten die mij bijstonden.”

Door een operatie ging hij iets eerder van boord dan afgelopen november, maar hij was al langer aan boord gebleven om zijn team en zijn goede vriend Peter Roosen; opdat ze tegelijk met pensioen gingen. Nu zit Ton volledig op zijn plek: de familieboerderij. Hij begint de dag met de vogels die vrolijk fluiten in zijn tuin.Hij voer jaren op het mts Primera, in 2004 de grootste tanker in de spotmarkt (135 x 16,80 meter). “Wij hebben gepionierd in de spotmarkt. Daarvoor voer ik op het tankkoppelverband Linde, maar daar was de veranderende markt niet meer geschikt voor. De blendmarkt explodeerde. Voor ons een doorslag­gevend succes, maar wel een risico in deze tijd. Benzine moet nu dezelfde kwaliteit hebben als we in Europa verkopen; dat is de huidige vervolgstap en legt de industrie regels op. Dat brengt risico’s met zich mee en veranderingen. Daarnaast wordt er veel gebouwd en ligt overcapaciteit op de loer.”

Zuinig zijn op familiebedrijven

Al jaren groeit de ladingcapaciteit in de West-Europese tankvaart, terwijl de industrie het hier moeilijk heeft, mede door de milieuregels. De chemische industrie verdwijnt en daardoor ook de naastgelegen gebruikers. Toch gaan banken veelal mee in de hoos van nieuwbouw, analyseert Ton. De bulkindustrie verdwijnt uit Europa en de capaciteit voor lading neemt nog steeds toe. Dat gaat een keer fout. Zeker als de markt ook maar iets verstoord raakt, denk aan oorlog of economische malaise. Ook de onderhoudsachterstand van de infrastructuur is een risicofactor. “Wat ik mooi vind aan de binnenvaart, is het pionieren van vooral particulieren en kleine ondernemers. Het familiebedrijf is altijd de dragende factor. Wees daar zuinig en trots op; grote rederijen werken met aandeelhouders die voor de winst gaan. Het familiebedrijf is de ruggengraat van de Nederlandse economie. Iets om trots op te zijn. Helaas wordt ook in de binnenvaart veel uitgevlagd.” Er verandert veel in de scheepvaart én in het stuurhuis. Ton geeft autonoom en op afstand varen als voorbeelden. Misschien gaan die veranderingen wel te snel voor ouderen, zegt hij. Zijn advies: geef het roer over aan de jongeren die met elektronica opgegroeid zijn. “We hebben een prachtige en milieu­vriendelijke manier van transport; gebruik die dan ook.”