03 juni 2026 – 09:21u
DCMR pakt varend ontgassen actief aan. De meldkamer houdt de luchtkwaliteit langs vaarwegen dag en nacht in de gaten en signaleert mogelijke overtredingen. Daarbij maakt DCMR gebruik van een e-nose-netwerk: een netwerk van sensoren dat veranderingen in de luchtsamenstelling meet. Deze ‘elektronische neuzen’ slaan alarm bij afwijkingen. Specialisten onderzoeken vervolgens direct wat er aan de hand is, bijvoorbeeld of een schip mogelijk aan het ontgassen is.
DCMR analyseert de signalen van het e-nose-netwerk samen met meldingen van inwoners en andere bronnen. Wijst alles op een ontgassing? Dan legt DCMR dit vast in een constatering en geeft die door aan de handhavende instanties.
Rechter bevestigt: inzet van techniek is toegestaan
En of de handhavende instanties de e-noses voor handhaving officieel mogen inzetten, is inmiddels ook duidelijk. Het Gerechtshof Amsterdam bevestigde op 24 april 2026 in vier door de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) bij het Openbaar Ministerie aangeleverde zaken dat handhavers technische middelen zoals e-noses, maar ook drones en AIS-data rechtmatig mogen gebruiken. Daarmee krijgen alle betrokken partijen duidelijkheid over de inzet van deze hulpmiddelen.
Op 24 april 2026 bepaalde het Hof in hoger beroep dat schippers en vervoerders terecht zijn veroordeeld voor varend ontgassen waarbij voor de handhaving dergelijke technische middelen zijn ingezet. Zij kregen boetes tot € 20.000 of een voorwaardelijke gevangenisstraf.
Deze zaken speelden in het werkgebied van Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (OD NZKG), in een periode waarin die dienst zelf de monitoring uitvoerde. De uitspraken zijn belangrijk voor onze gezamenlijke werkwijze.
Samenwerking maakt het verschil
De aanpak van varend ontgassen vraagt om samenwerking. DCMR monitort de e-noses voor de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) en het Havenbedrijf Rotterdam en signaleert mogelijke overtredingen. Die worden doorgegeven aan de ILT en zijn van grote waarde voor de ILT als landelijk toezichthouder op varend ontgassen. Ook de andere handhavingspartners op het water, zoals de politie en Rijkswaterstaat, geven vermoedens van ontgassingen door aan de ILT. De inspectie voert vervolgens een onderzoek uit waarbij wordt uitgezocht of daadwerkelijk sprake is van een ontgassing en welke handhavingsmaatregelen moeten worden ingezet.
DCMR monitort groot deel van Nederland
DCMR kijkt verder dan het Rijnmondgebied. Sinds 1 mei 2026 monitort de meldkamer ook een deel van het e-nose-netwerk dat bestemd is voor het monitoren van varend ontgassen in het gebied van OD NZKG. Daarvoor voerde het die taak ook al uit voor de provincies Zuid-Holland, Utrecht, Noord-Brabant en Gelderland.
Door deze samenwerking ontstaat een steeds completer beeld van mogelijke ontgassingen. Dat helpt handhavers om bij emissies vanaf tankschepen gerichter op te treden en zorgt voor een eerlijker speelveld voor bedrijven die zich aan de regels houden.
